
Minister Dilan Yesilgöz (VVD) bezoekt Almere: ‘bedrijven en overheid moeten samen verantwoordelijkheid nemen voor groei’
AlgemeenIn de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen waren afgelopen zaterdag verschillende landelijke prominenten in Almere. Zij steunden de lokale afdelingen van hun partij in de laatste fase van de verkiezingscampagne. Eén van die prominenten is Dilan Yesilgöz. De VVD-er, vicepremier en minister van Defensie was in Almere om het lokale VVD-team te ondersteunen in de laatste dagen voor de verkiezingen.
Tijdens haar bezoek sprak Yesilgöz niet alleen over veiligheid en wonen, maar ook over het ondernemersklimaat in de stad en de rol die bedrijven volgens haar spelen in de economische ontwikkeling van Nederland.
Focus op kerntaken
Volgens de minister zijn ondernemers een belangrijke motor voor groei, innovatie en werkgelegenheid. Zij vindt dat de overheid zich duidelijker moet richten op haar kerntaken, zich niet ‘overal mee moet bemoeien’ en terughoudend moet zijn met het verhogen van lasten.
Melkkoe van de gemeente
“Al die hardwerkende Nederlanders hier zijn niet de melkkoe van de gemeente,” zegt Yesilgöz. Volgens haar moeten gemeenten zich vooral richten op zaken waar de overheid echt voor bedoeld is, zoals veiligheid, bereikbaarheid en een schone leefomgeving.
Dat betekent volgens haar ook dat de overheid kritisch moet kijken naar de eigen uitgaven voordat belastingen of lokale lasten worden verhoogd. “We moeten zelf kijken waar we minder kunnen uitgeven. Zodat wij ons kunnen richten op veiligheid, op schone straten, op bereikbaarheid. Op al die dingen waar de overheid voor is.”
Gunstige voorwaarden voor internationale kenniswerkers
De VVD pleit voor het behoud van gunstige voorwaarden voor internationale kenniswerkers. De partij benadrukt dat deze werknemers in sommige sectoren noodzakelijk zijn om bedrijven te laten groeien en innovatie mogelijk te maken. Een voorbeeld van zo’n bedrijf is ASM. Het bedrijf is dankzij de in december ondertekende intentieverklaring voor een forse uitbreiding in Almere de eerste vestiger van de High Tech Campus maar stelt als voorwaarde voor de uitbreiding dat zij onder gunstige voorwaarden kenniswerkers naar Nederland kunnen blijven halen.
Gedeelde verantwoordelijkheid
Het naar Nederland halen van deze kenniswerkers zorgt niet alleen voor economische kansen, het legt ook druk op de woningmarkt. Yesilgöz benadrukt dat er op dit vlak een gedeelde verantwoordelijkheid is voor overheid en bedrijfsleven. Wanneer bedrijven mensen uit het buitenland aantrekken voor specialistisch werk, moeten zij volgens haar ook meedenken over de gevolgen voor de woningmarkt.
Volgens haar kan het niet zo zijn dat bedrijven personeel naar Nederland halen terwijl gemeenten vervolgens alleen de druk op de woningmarkt moeten oplossen. In verschillende regio’s wordt daarom al samengewerkt tussen bedrijven, gemeenten en onderwijsinstellingen om huisvesting en voorzieningen beter te organiseren.
Economische groei helpt bij maatschappelijke opgaven
Tegelijk benadrukt Yesilgöz dat economische groei juist ook helpt om maatschappelijke opgaven aan te pakken. Bedrijven zorgen volgens haar voor werkgelegenheid en een sterkere economie, wat uiteindelijk weer ruimte creëert voor investeringen in woningen en infrastructuur.
Veiligheid is een basisvoorwaarde
Naast economische onderwerpen sprak Yesilgöz ook over veiligheid. Volgens haar is veiligheid een basisvoorwaarde voor een goed ondernemersklimaat. “Dat je veilig op straat je hond durft uit te laten, dat je kind veilig naar school kan en dat je zaterdag als je uit bent geweest veilig naar huis kunt gaan.”
Over het samenscholingsverbod, waar in Almere de afgelopen tijd discussie over was, zegt Yesilgöz dat dit soort maatregelen belangrijke instrumenten kunnen zijn voor gemeenten om de veiligheid te waarborgen. Volgens haar moeten middelen zoals een samenscholingsverbod en cameratoezicht beschikbaar zijn en waar nodig worden ingezet. Tegelijk benadrukt zij dat zulke maatregelen bewust moeten worden gebruikt. Ze moeten volgens haar goed worden gecommuniceerd en daadwerkelijk effect hebben, en niet worden ingezet “omdat bestuurders verder niets meer weten te doen”.





