Zorgen om schijnzelfstandigheid worden als mogelijke oorzaak van de daling gezien (Foto: Adobe Stock)
Zorgen om schijnzelfstandigheid worden als mogelijke oorzaak van de daling gezien (Foto: Adobe Stock)

Aantal zzp’ers in de zorg daalt fors

Algemeen

Nieuw onderzoek van de Kamer van Koophandel (KVK) toont aan dat het aantal zzp’ers in de zorg in de afgelopen negen maanden flink is afgenomen. De grootste dalingen worden gezien in de thuiszorg, de kinderopvang en bij verpleegkundigen in ziekenhuizen.

Thuiszorg: 2.570 zzp’ers verdwenen van november 2024 tot juli 2025, een afname van 7,8 %.

Kinderopvang: het aantal zzp’ers daalde met 1.378 (–10 %).

Ziekenhuizen & paramedische sectoren (zoals fysiotherapie en alternatieve geneeskunde): eveneens ruim 1.606 zzp’ers minder, een daling van 2,9 %.

Minder starters, meer stoppers

De vergelijking met dezelfde periode vorig jaar (november 2023–juli 2024) toont een scherp dalend aantal startende zzp’ers, gecombineerd met een sterke toename van het aantal stoppers:

SectorStart (%)Stop (%)
Thuiszorg–51 %+94 %
Kinderopvang–51 %+77 %
Ziekenhuizen / Paramedisch–44 %+63 %


Grote brancheverschillen

KVK-cijfers laten zien dat het totaal aantal zzp’ers in Nederland licht is gestegen. Toch vallen de verschillen per sector op. In de zorg daalt het aantal zzp’ers structureel. Terwijl andere sectoren, zoals die van tandartsen en psychologen, juist groei laten zien.

Zorgen over schijnzelfstandigheid

Joris Knoben, hoogleraar Strategie en Ondernemerschap (Tilburg University), licht toe: “Branches met een sterke daling van zzp’ers worden gekenmerkt door zorgen over schijnzelfstandigheid (zoals de thuiszorg) of doordat opdrachtgevers simpelweg niet meer met zzp’ers willen werken (zoals in de kinderopvang).”

Naar verwachting houdt de trend aan

Volgens Knoben verbergt de relatief stabiele landelijke trend grote sectorale verschillen. Hij verwacht dat de daling zal doorzetten tot zeker 2026, omdat de Belastingdienst vanaf dat jaar actief wil handhaven op schijnzelfstandigheid. Hoe het daarna verder gaat, zal afhangen van toekomstige beleidskeuzes van het kabinet, volgens Knoben.