BV biedt geen bescherming tegen schijnzelfstandigheid
AlgemeenSteeds meer startende zelfstandigen kiezen voor een besloten vennootschap (bv) in plaats van een eenmanszaak, in de hoop zich daarmee te beschermen tegen handhaving op schijnzelfstandigheid. De Kamer van Koophandel (KvK) waarschuwt echter dat deze rechtsvorm geen vrijbrief vormt voor de Belastingdienst.
Sinds januari is de Belastingdienst begonnen met actieve handhaving op het verkapt inhuren van zelfstandigen. Wanneer werkzaamheden feitelijk onder een arbeidsovereenkomst zouden moeten vallen, kunnen opdrachtgevers worden geconfronteerd met naheffingen. Hoewel voor dit jaar nog geen boetes zijn aangekondigd, zijn financiële correcties wél mogelijk.
Duidelijke verschuiving in rechtsvorm
Uit cijfers van de KvK blijkt dat het aantal nieuwe eenmanszaken in het tweede kwartaal van dit jaar met 16 procent is gedaald ten opzichte van dezelfde periode in 2024. Tegelijkertijd steeg het aantal nieuw opgerichte bv’s met 21 procent. Veel starters kiezen voor een bv in de veronderstelling dat deze rechtsvorm hen buiten het bereik van handhaving op schijnzelfstandigheid plaatst. Volgens de KvK is die aanname onjuist.
De beoordeling door de Belastingdienst richt zich niet op de rechtsvorm, maar op de feitelijke arbeidsrelatie. Of er sprake is van een gezagsverhouding tussen opdrachtgever en opdrachtnemer is daarbij doorslaggevend. De rechtsvorm – eenmanszaak of bv – speelt geen rol in die beoordeling. Ook ondernemers met een bv moeten hun werksituatie dus zodanig inrichten dat sprake is van voldoende zelfstandigheid.
Keuze ligt bij de ondernemer
Bij het inschrijfproces biedt de KvK begeleiding bij het kiezen van een passende rechtsvorm. Daarbij worden ook de risico’s besproken van het gebruiken van een bv als beschermingsconstructie. De KvK heeft echter geen bevoegdheid om een inschrijving te weigeren op basis van de gekozen rechtsvorm; de uiteindelijke keuze ligt bij de ondernemer zelf.
Juridische claims op arbeidsvoorwaarden
Naast het risico op naheffingen door de Belastingdienst, neemt ook het aantal juridische procedures toe waarin zzp’ers met succes aanspraak maken op arbeidsvoorwaarden. In deze zaken oordeelt de rechter dat feitelijk sprake was van een dienstverband, waardoor opdrachtgevers alsnog loon, vakantiegeld en andere vergoedingen moeten uitkeren. Deze kosten kunnen oplopen tot tienduizenden euro’s.
De KvK benadrukt dat een bewuste keuze voor een rechtsvorm en een zorgvuldige inrichting van de werkrelatie cruciaal zijn om risico’s op schijnzelfstandigheid te beperken.